Een merkwaardige lezing

Woensdag 8 januari gaf ik een lezing voor de Rotary van ’t Brugse Vrije. Men had gevraagd gewoon mijn boekvoorstelling nog eens over te doen, maar ik wou iets extra’s doen. Al iets vertellen over zaken die verborgen zitten in Brugge. Maakte ik tegelijkertijd reclame voor het vervolg op de thriller ‘Niets is wat het lijkt. Het witte dorp’, wat dan mooi meegenomen is. Maar over welke locatie zou ik het best spreken? Weet je wat, dacht ik, ik laat mij leiden door het toeval. Ik had de laatste maanden toch geleerd om meer te leven op mijn innerlijk kompas, ‘to go with the flow’, dus ik zou het toeval laten beslissen over welke locatie in Brugge ik zou spreken.

Enkele dagen later zag ik een post passeren op Linkedin van één van de leden van de Rotary die iets geplaatst had op internet in verband met de Jeruzalemkapel in Brugge. Aha, dacht ik, ik zal deze locatie nemen, ik moest er toch nog eens langs gaan voor mijn research in Brugge ter voorbereiding van boek 3 (ja ja, er komt een derde boek, een vervolg met dezelfde personages als in Niets is wat het lijkt). In de Jeruzalemkapel nam ik alles goed in mij op, ik had niet zoveel tijd, een uurtje, ik nam enkele foto’s, bezocht het museum en kocht een boekje. Je weet hoe dat gaat als toerist. Ik ging naar huis. Ik had enkele dingen gezien, maar er was nog iets. Maar wat? En ja hoor, zoals ik al vaak gehad heb, kwam het inzicht enkele uren later. Soms moet je iets laten bezinken, alle indrukken en foto’s achteraf nog eens bekijken vooraleer het je opvalt.

Ik was ondertussen bezig mijn powerpoint voor de lezing aan het aanpassen, het was zaterdag, ik moest de lezing de woensdag daarop geven. Hoe kon ik de lezing interessanter maken? Ik besloot iets te vertellen rond het logo van de Rotary. Hun logo verbergt immers een oude symboliek rond levenswiel, zonnewiel, het getal van de mens, enzovoort. Maar toen ik mijn foto’s bekeek om enkele dingen te vertellen over de Jeruzalemkapel -die overigens symbool staat voor wederopstanding, een inwijding- zag ik exact hetzelfde symbool in de Jeruzalemkapel als het logo van de Rotary: een Sint-Catharinawiel. Een wiel dat staat voor reiniging en transformatie (Catharina=katharsis). Ik had het gevonden. Ik was door het toeval te volgen op de enige locatie in Brugge beland waar je het logo van de Rotary in de vorm van een Catharinawiel talloze keren kan zien. Het spreekt vanzelf dat dit leuk was om te vertellen aan mijn toehoorders bij de Rotary.

Of hoe het toeval (de foto op Linkedin) bepaalde waarover mijn lezing zou kunnen gaan (de symboliek van het logo, de transformatie). De enige locatie in Brugge waar het Catharinawiel zoveel keer te zien is, kwam op mijn weg in voorbereiding van de lezing voor een vereniging die hetzelfde wiel in haar logo voert. Hoe merkwaardig. Moraal van het verhaal: volg je intuïtie en laat je leiden door het toeval, je krijgt er mooie geschenken door. O ja, en als je een lezing geeft, vraag vooraf wie er foto’s neemt of neem zelf een fototoestel mee 🙂

Tijdens de lezing bij de Rotary ’t Brugse Vrije

Maar ach, ik geloof niet meer in toeval, jij wel?

O ja, wie meer wilt weten over wat de Jeruzalemkapel in Brugge verbergt of de symboliek van het Catharinawiel, die zal geduld moeten hebben voor boek 3, vrees ik. Of mij eens uitnodigen voor een lezing zoals de Rotary, wie weet wat ik dan vertel? Wat ik wel zeker weet, is dat ik het opnieuw zal overlaten aan ‘het toeval’ wat ik zal vertellen bij een volgende lezing. Mij laat inspireren door de muze van een schrijfster. Altijd komt er wel iets verrassends op mijn weg. In iedere bocht van een levensweg wacht er wel een verrassing. Net zoals bij iedere lezing.

Het leven van een schrijver

Trots ben ik dat ik deze titel hier kan typen. Nooit gedacht dat ik dit ooit zou mogen typen (dank u universum). Of toch niet vooraleer ik de pensioenleeftijd bereikt had, want een boek schrijven stond op mijn lijstje om te doen, je kent dat wel, eens ik in pensioen was. Moet je niet doen, hoor. Wachten tot je pensioen. Wie weet haal je het wel of ben je nog in staat om te doen wat je wou doen. Leef in het nu, niet in het verleden of de toekomst. Doe wat je wou doen zoveel mogelijk nu. Zoals een boek schrijven. Zo begon het bij mij. Ik zou één boek schrijven. Was dat verkeerd gedacht.

Ondertussen is boek twee ‘Het mysterie van de zwaan’ in zijn eindfase wat schrijven betreft. Tenminste als de muze mij met rust laat en niet verder dingen op mijn pad stuurt die het vermelden waard zijn in het boek. Dit boek verhaalt de ontdekkingstocht van een schrijfster, ondergetekende dus, in haar speurtocht om het mysterie van de zwaan te ontcijferen. We leven in een mysterieuze wereld, dat kan ik wel zeggen. Ik ben er nog steeds niet uit of dingen soms gebeuren omdat ze in ons onderbewuste diep verstopt zitten of omdat het universum, de kosmos, God het zo voorziet of toeval.

Maar in dat laatste geloof ik niet meer. Het is niet voor niets dat toeval in het Engels ‘coincidence’ is: dingen die samen gebeuren. Incidence: een inval, een invalshoek, een gebeurtenis. Of in het Frans ‘hasard’, afkomstig van het Arabische “al-zahr“, een verwijzing naar een kans, het spelen met de dobbelstenen (jeux des dés). Dés lijkt wel fel op deus, het Latijnse woord voor goden. Zou toeval dat zijn? Een spel dat de goden met ons spelen. Misschien zelfs een gevaarlijk spel (hasardeux of gevaarlijk, denk aan hazard in het Engels) . O ja, het woord komt uit de twaalfde eeuw, van ridders en de kruistochten, van de historische schrijver Guillaume de Tyr. Qua klank trekt ‘hazard’ nogal op Asgard, de burcht in het hemelrijk van de Noorse mythologie waar de Asen en Asinen, de Noorse goden wonen, waarbij een regenboogbrug (bifröstbrug) de enige verbinding met de aarde (Midgard) die bewaakt werd door Heimdall. Asgard, hazard: het gevaarlijke spel dat de goden met ons spelen via het toeval. Je zou er een toeval van krijgen. Merkwaardig dat eenzelfde woord zo’n uiteenlopende betekenissen heeft: een aanval, neerstorten en een gebeurtenis. Toeval, afkomstig van het Oudnederlandse ‘zuoval’ en ‘tôval’. Tôval, toveren (vroeger ook ‘taufr’), is niet onmogelijk denk maar aan het Duitse ‘zauberkraft’ (vroeger ook zouber, zauber – een ‘b’ werd soms in de loop der tijden een ‘v’). Dat is wat toeval is: een aan magie grenzende, onbegrijpbare kracht, een spel van de ‘goden’ om dingen gelijktijdig te laten gebeuren in ons universum.

Foto Nick Morrison via Unsplash

Hoe dan ook, ik ben dus ‘Het mysterie van de zwaan’ aan het afwerken, waarin ook woordbetekenissen van belang zijn, dus ik heb mij hierboven eventjes laten gaan, mijn excuses. Helaas blijft het daar niet bij. Want de research voor een vervolg op de thriller ‘Niets is wat het lijkt. Het witte dorp’ neemt ook wat tijd in beslag. Ik wou geen vervolg schrijven, maar mensen komen op je pad, je krijgt boeken uitgeleend, je begint dingen te zien in naburige gemeenten die je voordien nog nooit had gezien, zelfs al passeerde je er honderden keren. En ja, dan ontstaat er langzaam een verhaal in je hoofd. Dat langzaam groeit. Nog een aantal plaatsen bezoeken, nog een aantal boeken lezen en hopelijk begin ik in januari daar aan te schrijven. Als de zwaan, zoals ik boek twee ondertussen noem, afgewerkt is natuurlijk.

Dus stel niet uit wat je in het nu kan doen. Nu is de tijd om te beginnen bouwen aan je eigen regenboogbrug richting je dromen. En wie weet helpt ‘hasard’, Asgard of de toverkracht van ons universum je een beetje in de goede richting. Begin, wat je droom ook is, wat je wilt doen, maar altijd maar uitstelt. Als het zo moet zijn, zal het zo zijn.