De geheimen van kerst: de kerstengel

Engelen spelen een belangrijke rol in de Bijbel. Zowel de geboorte van Johannes de Doper als de geboorte van Jezus worden voorspeld door een engel. De geboorte van Jezus wordt bekend gemaakt aan de herders door een engel. De engelen bezingen de liefde voor God en vrede op aarde. Maar wat zijn engelen?

Daarvoor kan je kijken naar de etymologie, de herkomst van het woord engel: van het Griekse ‘angelos’ of het Hebreeuwse ‘mal’ach’ wat beiden boodschapper betekent. Engelen hebben vleugels als teken van goddelijke macht. Bovendien is het een verwijzing naar de verbinding tussen hemel en aarde: voor het christendom werd geloofd dat vogels (bijv. zwaan, gans) deze verbinding vormden, zodat de zielen van gestorvenen met vogels mee vlogen naar het paradijs. Vandaar dat je vaak engelen afgebeeld ziet op een grafsteen. Engelen zijn niet onderworpen aan de normale natuurwetten. Vandaar dat zij ook bescherming kunnen bieden (het woord beschermengel of engelbewaarder). Ooit ben ik eens ontsnapt aan een auto-ongeval en sindsdien hangt er als een talisman een engeltje in mijn wagen. Of het helpt weet ik niet, maar ergens voel ik dat dat engeltje daar hoort, dat het zo moet zijn.

Een engel zou ook verband kunnen houden met de Romeinse godin Victoria, equivalent van de Griekse Nikè, de godin van de overwinning die vaak met vleugels werd afgebeeld. Het bekendste beeld van haar afbeelding is de Brandenburger Tor in Berlijn, wat in 1989 een mooi beeld gaf als de Berlijnse muur viel en de mensen daar feest vierden. Met de hulp van engelen kan je overwinnen, denk ik dan altijd. En het zijn vrouwen, wat dacht je anders? Maar ook de Egyptische godin Isis kan je terugvinden met vleugels. Of de Soemerisch godin Inanna.

Godin Victoria – bron: wikipedia
Godin Niké – bron: wikipedia
Godin Isis – bron: wikipedia

Je hebt nog wezens met vleugels: elven of feeën, meestal vrouwelijke figuren die mens en dier behulpzaam . Deze figuren komen voort uit de Noorse en Keltische mythologie. Bij de Kelten bestaan er overigens talloze legendes (o.a. de kinderen van Lir, de legende van Oenghus/Angus) waarbij mensen, meestal vrouwen, veranderen in zwanen. Symbolisch vaak een verwijzing naar de geestelijke, de spirituele wereld.

Dat het woord elf correspondeert met het getal 11 lijkt vergezocht, maar heb je er ook al op gelet dat veel kerken aan hun ingang twee torens hebben, zij vormen letterlijk het getal 11. Net zoals de twee zuilen Boaz (zon) en Jachin (maan) bij de vrijmetselaars. Of om het luchtiger te houden, geen voetbal zonder elftal. In de Bijbel, die bestaat uit 66 boeken (6 x 11, 6=mens), kan je 11 in verband brengen met dwaasheid of met opstanding (wie er meer over wilt weten, ga naar deze site). Als Brugse zot die een burn-out heeft gehad, voel ik me dan natuurlijk goed bij het getal 11. Misschien moet je wel als dwaas beschouwd worden vooraleer je terug kan opstaan (“hé, verandert zij van beroep, die is goed gek”)? Natuurlijk staat 1 ook voor God/universum/kosmos -waar jij in gelooft- die ene. En de mens is de andere één (“jij bent me er eentje”). Dus slechts als je leeft volgens spiritueel inzicht, ben je een elf. Of 1+1=2, 2=een zwaan.

(Ik moest toch iets schrijven om reclame te maken voor mijn toekomst boek ‘Het mysterie van de zwaan’.)

O ja, de Jacobsladder, waar kerktorens naar verwijzen, zeker de platte (snap je de hint), spreekt ook over engelen:
“Toen droomde hij en zie op aarde was een ladder geplaatst, waarvan de top tot aan de hemel reikte, en zie de engelen van God klommen daarlangs omhoog en omlaag”
(Genesis 28:12)

of 2+8+1+2=13, het getal dat in de kerk van Lissewege verborgen zit.
Let op als je de kerktoren in de zomer bezoekt om van het prachtige zicht te genieten, dat je dus geen engeltjes tegenkomt daarboven.

Vervolg: de geheimen van kerst: de drie koningen.

De geheimen van kerst: Stille nacht

Eén van de bekendste liederen tijdens de kerstperiode is het kerstlied Stille nacht, heilige nacht. Het werd voor het eerst opgevoerd op 24 december 1818 in Oostenrijk in de kerk van Oberndorf. Een lied over vrede, hoop, troost en verbroedering. Een lied dat vandaag meer nodig is dan ooit.

Het is wellicht geen toeval dat dit lied er toen kwam. Napoleon was in 1815 verslagen in Waterloo, waardoor hele gebieden geplunderd en vernietigd waren. In 1816 mislukte de oogst in heel Europa, men noemde 1816 ‘het jaar zonder zomer’. Het Congres van Wenen dat volgde op de nederlaag van Napoleon, verdeelde de stad Laufen in een Beiers en Oostenrijks deel. Het Oostenrijkse deel kreeg de naam Oberndorf. In dat jaar schreef priester Joseph Mohr het gedicht Stille nacht, heilige nacht. Twee jaar later gaat Joseph met zijn gedicht naar de organisat en onderwijzer van het dorp, Franz Gruber. Hij schrijft een compositie voor het gedicht met gitaar. Omdat het orgel in de kerk kapot is, spelen ze het liedje voor de eerste keer in de kerk. Gruber op de gitaar, Mohr zingt.

In 1819 staat het liedje al in een kerkliederenboek van een Tiroolse organist Blasius Wimmer. Drie jaar later bezoekt een Oostenrijkse orgelbouwer Karl Mauracher een kerk in Arnsdorf, waar hij Gruber ontmoet. Die geeft hem een versie van het liedje mee. Zo begint het kerstlied langzaam aan zijn wereldreis, vooral door volksliedzangers die het liedje verspreiden.

Bekende zangfamilies die rondreizen nemen het liedje op in hun repertoire: de families Strasser en Rainers. Het wordt zelfs gezongen voor keizer Frans I van Oostenrijk en tsaar Alexander I van Rusland. In 1839 wordt het voor het eerst gezongen in New York. Zo kent midden de negentiende eeuw ondertussen iedereen het kerstlied Stille nacht, maar de componisten niet. Dus beginnen er allerlei verhalen de ronde te doen. Haydn, Mozart of Beethoven zouden het gecomponeerd hebben. Uiteindelijk wordt in 1854 bekend dat Franz Gruber de muziek schreeft en Joseph Mohr de tekst. In 1995 wordt in een nalatenschap het originele manuscript van Mohr gevonden waaruit blijkt dat hij de tekst in 1816 heeft geschreven.
(Bron: Volkskrant.nl, Stillenacht.com, Silentnight.web, Austria.info, Oostenrijknatuurlijk.nl, Wikipedia)

Of hoe een liedje gemaakt door een priester en een onderwijzer in een klein dorp eeuwenlang wereldwijd gekend geraakte. Als iets moet gebeuren, dan zal het ook gebeuren als het universum het wenst. Stille nachten, nachten waarin je op jezelf terugplooit zijn inderdaad heilige nachten, gelegenheden om jezelf beter te leren kennen. Om eventjes stil te staan bij alles wat je inspireert en doet groeien.

Vervolg: de geheimen van kerst: de kerstengel

De geheimen van kerst: kater

Na Nieuwjaar zou je wel eens een kater kunnen hebben. Zo’n zin daarmee trap je een open deur in. Dat weet ik. Maar waarom noemen we dit ‘een kater hebben’? Dat zijn van die vragen die ik me dagelijks stel. Zeker als ik mijn kater zie. Voor alle duidelijkheid: mijn kat, niet mezelf. Het woord zou afkomstig zijn van het Duitse ‘Katarhh’, wat slijmvliesontsteking of verkoudheid betekent. Ofwel komt het van een oude biersoort die Kater werd genoemd, wie er van dronk zou zich de dag nadien slecht gevoeld hebben. Besoffen wie ein Kater of as sick as a cat, ja, uitdrukkingen die verband houden met het hebben van een kater komen niet alleen bij ons voor. (bron: www.historiek.net)

Maar toch vond ik deze uitleg onvoldoende. Ja, ik stel me veel vragen. Ook als ik het gevoel heb dat iets niet volledig is of niets alles zegt. Een mooie eigenschap natuurlijk als je veel wilt schrijven. Je kan dan hele pagina’s vol schrijven. Maar toch ook lastig soms. Waar was ik? Kater. Mij doet dat woord denken aan catharsis, een zuivering of reiniging die een therapeutisch effect heeft. Zo is het soms wel eens met dronkenschap, het heeft een zuiverend effect want je voelt een roes, de dag nadien voel je je anders. Soms ellendig dat wel, maar toch anders. Kan het zijn dat dit effect als een reiniging werd beschouwd?

Of is het een verwijzing naar de feesten in Boebastis (Egypte), waar de Egyptische godin Bastet, die werd afgebeeld met een kattenhoofd, werd vereerd. Bastet was de godin van de vreugde van het leven, muziek en dans. Die feesten gingen gepaard met het rijkelijk vloeien van de wijn. Volgens Herodotus kwamen er tot 700.000 mensen op af. Hij beschreef dat vrouwen schunnige taal gebruikten en zelfs hun rok opheffen. Ja, dat klinkt wel als iets dat iemand zou doen als ze boven hun theewater zijn. De kat had een goddelijke status, ze was symbool van de maan en van de godin Isis. Ze hielpen de mens tegen de duistere vijanden van het licht. Volgens mij zijn ze dat nog altijd niet vergeten. Ik vermoed dat de kennis over hun goddelijke status van generatie op generatie tussen katten wordt overgedragen:-). Vandaar dat wij mensen altijd ten hunne dienste moeten staan. Maar je kan het ook anders bekijken: ze beschermen de farao, de koning. Dus kat in huis, kan je je een koning voelen. Jammer voor wie geen kat heeft, je bent niet van koninklijke bloede. Het woord kat komt overigens van het Latijnse cattus en jawel hoor, uit Noord-Afrika en gaat terug op, bijvoorbeeld, het Nubische kadis of het Berbers kaddiska. Misschien verwijst het woord kater dan gewoonweg naar de feesten van Bastet met hun overvloed aan wijn?

Bronzen beeld van kat uit Egypte – bron: www.ancient.eu

Meer zelfs, volgens Fulcanelli, de laatste alchemist van de twintigste eeuw is de kat zeer speciaal: wie inziet waarom de Egyptenaren de kat vergoddelijkt hebben, heeft daarmee meteen ook de Steen der Wijzen – de Pierre Philosophale – gevonden. Toch maar je kat dat lekkers geven, zelfs al heb je een kater?
(bron: VERHUYCK, P., De neven en nichten van Tibeert, Tiecelijn, 2004,58.)

Vervolg: de geheimen van kerst : stille nacht.

De geheimen van kerst: het joelfeest van de Germanen

Photo by Cullan Smith on Unsplash

Vandaag zijn we de kortste dag van het jaar. Officieel is dat altijd 21 december, maar in 2019 is 22 december 1 seconde korter dan de officiële datum 21 december. Op 21 december, de winterzonnewende, vierden de Germanen het Joelfeest. Een feest dat twaalf dagen duurde. In een volgende blogpost zal ik het hebben over de 12 heilige dagen en 13 heilige nachten vanaf kerst. Maar nu terug naar het joelfeest. Vuren werden aangestoken, wat we nu nog terugvinden overigens in onze kerststronk of kerstbuche in de vorm van een houtblok. Wij steken geen vuren meer aan, wij eten een houtstronk op. De tijden veranderen.  Nu ja, de Germanen hadden ook een feestmaal. Ze bliezen op hoorns, hielden vreugdevuren, er werd geschoten, kortom alles moest uit de kast gehaald worden opdat het rad van het leven weer in beweging kwam opdat de zon kon herrijzen. Een zonnerad werd in brand gestoken om de terugkeer van de zon te vieren. Later vind je de symboliek van zo’n zonnerad terug in een aureool. Het licht rondom een heilige, een persoon.

Een feest omdat de zon dan op zijn laagste punt stond, maar terug begon naar zijn klim naar boven met langere dagen tot gevolg. Oud vuur werd gedoofd en nieuw vuur werd aangestoken, zoals de lichtjes van een kerstboom. Het gevecht tussen winter en zomer.

Tijdens de joelfeesten rijdt Wodan met een razende stoet van overledenen door de hemel. Een andere naam hiervoor is de wilde jacht. Hij rijdt op zijn paard Sleipnir waarbij hij een speer in zijn had heeft. Een bijnaam van Odin (bij de Noren was Wodan Odin) is overigens Jólnir. Zoals ik al eens in een vorige blogpost vertelde, is Sinterklaas hiervan afgeleid. Maar toch doet dit ook denken aan Santa Claus, de kerstman, waarover later meer. De vrouwelijk tegenhanger uit latere oude legendes van de wilde jacht is vrouw Holle die een groep spokende vrouwen aanvoert, in onze streken ook vaak de ‘witte wieven’ genoemd.  Waarom raasden die gestorvenen door de hemel? Wel als de zon hoog staat aan de hemel, liggen de doden rustig in hun graf, maar tegen het einde van de herfst worden ze onrustig (denk maar aan Halloween) en in de periode van de joelfeesten bezoeken de overledenen, de geesten de mensen in hun woning. Daarom werd de tafel gedekt, offers gebracht, feestdronken uitgebracht op overledenen. Er werd immers geloofd dat als iemand overlijdt, die persoon niet sterft, nee, de goddelijke levenskracht (goddelijke vonk) werd niet vernietigd, maar bleef leven. Een overleden voorouder bleef dus altijd deel uitmaken van de gemeenschap. Het zijn de voorouders die via hun goddelijke krachten de vruchtbaarheid van mens, dier en gewas helpen bevorderen. Zij bestrijden de winter, de chaos. De levenden en doden vierden dus samen tijdens het joelfeest de wedergeboorte van de zon, van een nieuw jaar.

Cordes, J. W. – Wilde Jagd 1869

Een magische feest, al is het maar omdat Joel wellicht tovernarij of bezweringsfeest zou betekenen (jehan in Oudhoogduits is spreken). Het woord jicht heeft eenzelfde oorsprong als joel. Want jicht zou door een betovering veroorzaakt worden, dat wist je niet hé? Of ja, dat dachten onze voorouders toch.  Als je dus zegt dat kerstmis een magisch feest is, zit je er niet zo ver naast. De kerstmagie bestaat al eeuwenlang. Dat de joelfeesten (en dus ook het latere kerstfeest) ook initiatiefeesten inhielden, dat zie je terug in de symbolische betekenis van kerstmis gedurende de 12 heilige dagen en 13 heilige nachten. Maar daarvoor zul je een volgende blogpost moeten lezen, misschien na het eten van een kerstbuche?

Bronnen: GRIMMSMA, B., Het joelfeest. Een leidraad van Nederlands heidendom en WEGGEMAN, E.,  De symboliek van Kelten en Germanen.

Vervolg: de geheimen van kerst: de 12 lotsdagen en 13 heilige nachten.