Een merkwaardige lezing

Woensdag 8 januari gaf ik een lezing voor de Rotary van ’t Brugse Vrije. Men had gevraagd gewoon mijn boekvoorstelling nog eens over te doen, maar ik wou iets extra’s doen. Al iets vertellen over zaken die verborgen zitten in Brugge. Maakte ik tegelijkertijd reclame voor het vervolg op de thriller ‘Niets is wat het lijkt. Het witte dorp’, wat dan mooi meegenomen is. Maar over welke locatie zou ik het best spreken? Weet je wat, dacht ik, ik laat mij leiden door het toeval. Ik had de laatste maanden toch geleerd om meer te leven op mijn innerlijk kompas, ‘to go with the flow’, dus ik zou het toeval laten beslissen over welke locatie in Brugge ik zou spreken.

Enkele dagen later zag ik een post passeren op Linkedin van één van de leden van de Rotary die iets geplaatst had op internet in verband met de Jeruzalemkapel in Brugge. Aha, dacht ik, ik zal deze locatie nemen, ik moest er toch nog eens langs gaan voor mijn research in Brugge ter voorbereiding van boek 3 (ja ja, er komt een derde boek, een vervolg met dezelfde personages als in Niets is wat het lijkt). In de Jeruzalemkapel nam ik alles goed in mij op, ik had niet zoveel tijd, een uurtje, ik nam enkele foto’s, bezocht het museum en kocht een boekje. Je weet hoe dat gaat als toerist. Ik ging naar huis. Ik had enkele dingen gezien, maar er was nog iets. Maar wat? En ja hoor, zoals ik al vaak gehad heb, kwam het inzicht enkele uren later. Soms moet je iets laten bezinken, alle indrukken en foto’s achteraf nog eens bekijken vooraleer het je opvalt.

Ik was ondertussen bezig mijn powerpoint voor de lezing aan het aanpassen, het was zaterdag, ik moest de lezing de woensdag daarop geven. Hoe kon ik de lezing interessanter maken? Ik besloot iets te vertellen rond het logo van de Rotary. Hun logo verbergt immers een oude symboliek rond levenswiel, zonnewiel, het getal van de mens, enzovoort. Maar toen ik mijn foto’s bekeek om enkele dingen te vertellen over de Jeruzalemkapel -die overigens symbool staat voor wederopstanding, een inwijding- zag ik exact hetzelfde symbool in de Jeruzalemkapel als het logo van de Rotary: een Sint-Catharinawiel. Een wiel dat staat voor reiniging en transformatie (Catharina=katharsis). Ik had het gevonden. Ik was door het toeval te volgen op de enige locatie in Brugge beland waar je het logo van de Rotary in de vorm van een Catharinawiel talloze keren kan zien. Het spreekt vanzelf dat dit leuk was om te vertellen aan mijn toehoorders bij de Rotary.

Of hoe het toeval (de foto op Linkedin) bepaalde waarover mijn lezing zou kunnen gaan (de symboliek van het logo, de transformatie). De enige locatie in Brugge waar het Catharinawiel zoveel keer te zien is, kwam op mijn weg in voorbereiding van de lezing voor een vereniging die hetzelfde wiel in haar logo voert. Hoe merkwaardig. Moraal van het verhaal: volg je intuïtie en laat je leiden door het toeval, je krijgt er mooie geschenken door. O ja, en als je een lezing geeft, vraag vooraf wie er foto’s neemt of neem zelf een fototoestel mee 🙂

Tijdens de lezing bij de Rotary ’t Brugse Vrije

Maar ach, ik geloof niet meer in toeval, jij wel?

O ja, wie meer wilt weten over wat de Jeruzalemkapel in Brugge verbergt of de symboliek van het Catharinawiel, die zal geduld moeten hebben voor boek 3, vrees ik. Of mij eens uitnodigen voor een lezing zoals de Rotary, wie weet wat ik dan vertel? Wat ik wel zeker weet, is dat ik het opnieuw zal overlaten aan ‘het toeval’ wat ik zal vertellen bij een volgende lezing. Mij laat inspireren door de muze van een schrijfster. Altijd komt er wel iets verrassends op mijn weg. In iedere bocht van een levensweg wacht er wel een verrassing. Net zoals bij iedere lezing.

Het leven van een schrijver

Trots ben ik dat ik deze titel hier kan typen. Nooit gedacht dat ik dit ooit zou mogen typen (dank u universum). Of toch niet vooraleer ik de pensioenleeftijd bereikt had, want een boek schrijven stond op mijn lijstje om te doen, je kent dat wel, eens ik in pensioen was. Moet je niet doen, hoor. Wachten tot je pensioen. Wie weet haal je het wel of ben je nog in staat om te doen wat je wou doen. Leef in het nu, niet in het verleden of de toekomst. Doe wat je wou doen zoveel mogelijk nu. Zoals een boek schrijven. Zo begon het bij mij. Ik zou één boek schrijven. Was dat verkeerd gedacht.

Ondertussen is boek twee ‘Het mysterie van de zwaan’ in zijn eindfase wat schrijven betreft. Tenminste als de muze mij met rust laat en niet verder dingen op mijn pad stuurt die het vermelden waard zijn in het boek. Dit boek verhaalt de ontdekkingstocht van een schrijfster, ondergetekende dus, in haar speurtocht om het mysterie van de zwaan te ontcijferen. We leven in een mysterieuze wereld, dat kan ik wel zeggen. Ik ben er nog steeds niet uit of dingen soms gebeuren omdat ze in ons onderbewuste diep verstopt zitten of omdat het universum, de kosmos, God het zo voorziet of toeval.

Maar in dat laatste geloof ik niet meer. Het is niet voor niets dat toeval in het Engels ‘coincidence’ is: dingen die samen gebeuren. Incidence: een inval, een invalshoek, een gebeurtenis. Of in het Frans ‘hasard’, afkomstig van het Arabische “al-zahr“, een verwijzing naar een kans, het spelen met de dobbelstenen (jeux des dés). Dés lijkt wel fel op deus, het Latijnse woord voor goden. Zou toeval dat zijn? Een spel dat de goden met ons spelen. Misschien zelfs een gevaarlijk spel (hasardeux of gevaarlijk, denk aan hazard in het Engels) . O ja, het woord komt uit de twaalfde eeuw, van ridders en de kruistochten, van de historische schrijver Guillaume de Tyr. Qua klank trekt ‘hazard’ nogal op Asgard, de burcht in het hemelrijk van de Noorse mythologie waar de Asen en Asinen, de Noorse goden wonen, waarbij een regenboogbrug (bifröstbrug) de enige verbinding met de aarde (Midgard) die bewaakt werd door Heimdall. Asgard, hazard: het gevaarlijke spel dat de goden met ons spelen via het toeval. Je zou er een toeval van krijgen. Merkwaardig dat eenzelfde woord zo’n uiteenlopende betekenissen heeft: een aanval, neerstorten en een gebeurtenis. Toeval, afkomstig van het Oudnederlandse ‘zuoval’ en ‘tôval’. Tôval, toveren (vroeger ook ‘taufr’), is niet onmogelijk denk maar aan het Duitse ‘zauberkraft’ (vroeger ook zouber, zauber – een ‘b’ werd soms in de loop der tijden een ‘v’). Dat is wat toeval is: een aan magie grenzende, onbegrijpbare kracht, een spel van de ‘goden’ om dingen gelijktijdig te laten gebeuren in ons universum.

Foto Nick Morrison via Unsplash

Hoe dan ook, ik ben dus ‘Het mysterie van de zwaan’ aan het afwerken, waarin ook woordbetekenissen van belang zijn, dus ik heb mij hierboven eventjes laten gaan, mijn excuses. Helaas blijft het daar niet bij. Want de research voor een vervolg op de thriller ‘Niets is wat het lijkt. Het witte dorp’ neemt ook wat tijd in beslag. Ik wou geen vervolg schrijven, maar mensen komen op je pad, je krijgt boeken uitgeleend, je begint dingen te zien in naburige gemeenten die je voordien nog nooit had gezien, zelfs al passeerde je er honderden keren. En ja, dan ontstaat er langzaam een verhaal in je hoofd. Dat langzaam groeit. Nog een aantal plaatsen bezoeken, nog een aantal boeken lezen en hopelijk begin ik in januari daar aan te schrijven. Als de zwaan, zoals ik boek twee ondertussen noem, afgewerkt is natuurlijk.

Dus stel niet uit wat je in het nu kan doen. Nu is de tijd om te beginnen bouwen aan je eigen regenboogbrug richting je dromen. En wie weet helpt ‘hasard’, Asgard of de toverkracht van ons universum je een beetje in de goede richting. Begin, wat je droom ook is, wat je wilt doen, maar altijd maar uitstelt. Als het zo moet zijn, zal het zo zijn.

Gratis e-books

Het was een hele zoektocht om een papieren boek, zelfs al heb je het in pdf of word op je pc staan, om te zetten in een formaat dat geschikt is als e-book. Dan nog zoeken naar een geschikt platform, maar eindelijk is de thriller Niets is wat het lijkt. Het witte dorp toch gepubliceerd geraakt als e-book.

Mijn zoektocht heeft nog iets opgeleverd door de onbekende wereld van de e-books te verkennen: allerlei websites waar je gratis e-books kunt downloaden. Ik som er enkele op. Niet alle websites hebben nederlandstalige e-books, maar ik vermeld ook de anderstalige. Voor mijn research voor het volgende boek ‘Het mysterie van de zwaan’ heb ik al veel nut gehad aan anderstalige boeken.

Gutenberg

Op deze site heb ik al oudere boeken gevonden in mijn zoektocht. De boeken staan er in verschillende talen. Een echte schatkamer.

Feedbooks.com

Deze site begin ik nog maar te ontdekken. In allerlei formaten (pdf, kindle, epub) kan je hier gratis e-books vinden. Klassiekers kan je hier soms ook ontdekken.

Amazon

Dan heb je Amazon natuurlijk, met een top 100 van gratis e-books, maar er zijn er nog te vinden. Het aanbod is groot. Wel meestal engelstalig, maar er zijn meer en meer nederlandstalige boeken terug te vinden.

Manybooks.net

Veel, echt veel gratis e-books, meestal engels. Je vindt ze in allerlei formaten, er wordt bij het downloaden gevraagd je keuze aan te duiden welk genre je het liefste hebt, waarna je vooral inzake deze genres nieuws krijgt. Je kan ook online de boeken lezen.

Kobo

Wie met Kobo werkt, die vind daar ook een pagina met gratis e-books.

Bol.com

Ook Bol.com bezit een aparte pagina met Nederlandstalige en Engels gratis e-books. Boeken van Charles Dickens, gebroeders Grimm, William Shakespeare, om er maar enkele te noemen. Je hebt wel geen keuze in welk formaat te downloaden, het is automatisch epub.

Dnbl

Een nederlandstalige site die niet zo bekend is, maar waar je oude Nederlandstalige klassiekers kan downloaden. Ook kan je er veel tijdschriftartikelen vinden over geschiedenis en taalkunde, etymologie. Een ware schatkamer, zeker als in het Oudnederlands wil snuisteren.

Open Library

Meer dan 1 miljoen boeken beschikbaar, maar nu loopt er een campagne met vraag voor sponsoring om te blijven bestaan. Hopen maar dat dit lukt.

Planetebook.com

Ongeveer tachtig gratis te downloaden klassiekers in de oorspronkelijke taal van uitgave (meestal engels): Pride and prejudice van Jane Austen, 1984 van George Orwell, The jungle book van R. Kipling, noem maar op.

Smashwords

Meestal anderstalig, alhoewel je er ook wel nederlandstalige e-books kan op vinden. Je kan aanduiden welke prijs je zoekt (als je betalende e-books wilt lezen) of hoeveel woorden je wilt lezen.

Ik denk dat ik hier nu wel de meest belangrijke websites vermeld heb waar je gratis e-books kunt downloaden. Zelf heb ik nog geen e-reader, ik lees op mijn laptop. Als iemand mij echter een geschenk wil geven, een e-reader is altijd welkom. Om je te helpen vind je hier een lijst van e-readers. Of als je een e-reader aan jezelf of iemand anders cadeau wilt doen. Om al die gratis e-books te kunnen lezen natuurlijk 🙂

ComputerComputer

Op zoek naar woorden en inspiratie

Boeken Haemin Sumin

Woorden en inspiratie, daar draait het leven van een schrijver om. Je vindt het overal. Maar soms stokt het eens. Iets dat elke schrijver wel eens meemaakt. Een wandeling in de natuur helpt soms, bij mij toch. Of eventjes het hoofd leeg maken door naar muziek te luisteren. Maar wat mij soms ook helpt, is mooie teksten lezen van iemand anders. Alsof de woorden aan je blijven kleven en zo nieuwe woorden opwekken waardoor je weer verder kan. De ene schrijver inspireert de andere.

De laatste tijd neem ik vaak één van de twee boekjes van Haemin Sumin vast. Vorig jaar heb ik toevallig zijn boek Dingen die je alleen ziet als je er de tijd voor neemt ontdekt. Ik zat in een burn-out dus ik had tijd. De titel was zo uitnodigend om het boek te kopen. Het was een voltreffer. Dus moest ik zijn nieuwe boek Houden van dingen die niet perfect zijn ook wel aanschaffen. Zeker omdat de bouwmeesters van de kerk van Lissewege, zoals ik in mijn thriller Niets is wat het lijkt. Het witte dorp had genoteerd, als motto hadden dat niets perfect moest zijn omdat enkel God perfect is. Zo zie je dat veel niet symetrisch is of pilaren ongelijk zijn. En zo moet het ook wel zijn: want niemand is gelijk, we zijn allemaal anders. Ook de schrijvers die op zoek zijn naar inspiratie.

Anderen hebben misschien andere methodes om terug inspiratie te krijgen. Wijze, filosofische woorden en verhalen inspireren me altijd. Dus misschien eens enkele citeren van Haemin Sumin? Dus ik neem zijn laatste boek en sla het lukraak open en wat zie ik? Misschien een boodschap voor mezelf of voor jou?

Er zijn momenten waarop je alleen maar op de bank wilt liggen en tv kijken. Het wordt wel eens tijd dat je je hardwerkende geest een momentje rust geeft. Je kunt niet altijd productief zijn.

Hé, dat is ook wel toevallig? Is een moment van inspiratieloosheid dan gewoon een teken van de muze of het universum dat je eens een stap achteruit moet zetten om dingen klaarder te zien? Wat als ik nu nog eens Haemin om raad vraag en zijn boek lukraak opensla, wat zal ik dan te lezen krijgen?

Probeer je ademhaling eens te voelen.
Adem diep in en uit…
Het helen begint wanneer
we beginnen aandacht aan onszelf te schenken.

Ja, nu je het zegt. Rustig ademhalen, je lichaam voelen, mindfulness of hoe je het ook noemt, dat kan ook helpen om de inspiratie terug te toveren. Nog een derde raadgeving proberen te vinden? Het boek terug dicht, eventjes wachten…. en openklappen.

Woorden hebben veel macht.
Vanaf vandaag ga je je beter voelen’ ‘Je hebt zoveel talent, je wordt vast een heel goede schrijver’ ‘Op een dag zal je muziek de harten van veel mensen raken’
Op het moment dat iemand deze woorden tegen je zegt,
gaat er een groot aantal mogelijkheden voor je open.
Woorden kunnen zaadjes van de werkelijkheid worden.

Heb ik het niet gezegd? Haemin Sumin schrijft prachtige boeken om als je eventjes vastzit, je hoeft daarom geen schrijver te zijn, een momentje er in te lezen. Je krijgt vast wel inspiratie, inzichten of een mooie boodschap. Zou de laatste tekst echt willen zeggen dat mijn woordenmuziek ooit veel harten zal raken?

Ga naar boeken van Haemin Sumin

Een merkwaardige foto

Al een hele tijd vraag ik me af of dingen die gebeuren moesten gebeuren, voorbestemd waren, een gevolg zijn van je keuzes of gewoon toeval. Deze week zat ik thuis met een virus, wat vervelend is, maar wel tijd geeft om een aantal boeken te lezen en eens in fotoalbums te bladeren, iets wat al heel lang geleden was. En zo kwam ik op een foto genomen op mijn doop. Daar zag ik iets merkwaardigs op waardoor ik me nu afvraag of er toch iets is als het lot. Dat toeval eigenlijk niet bestaat.

Dit is de foto, op het eerste zicht een gewone doopfoto waarop mijn mama er veel jonger uit ziet en ikzelf ook overigens.

Maar toen viel mijn oog op de achtergrond : een Mariabeeld langs de rechterkant en langs de linkerkant hing er een foto in zwart-wit. Een watermolen met twee watervogels. Ik keek dichter en toen bleef mijn hart toch een tel stil staan: twee zwanen. Hoe is dat mogelijk? Alsof er toen al een signaal was dat ik ooit één (het worden er twee want een tweede boek Het mysterie van de zwaan is in voorbereiding) boek zou schrijven over Mariakerken die samen een sterrenbeeld zwaan zouden vormen. Stond het toen al in de sterren geschreven dat ik dat ooit zou doen?

En een watermolen. Water werd als heilig beschouwd door onze voorouders, water doet energie stromen (phanta rei, alles stroomt) zoals bij een watermolen. Een molen is ook een symbool van tijd, van de cirkel van het leven dat altijd maar in beweging is: de terugkerende cyclus van geboren worden en sterven. Ik was gebiologeerd door de foto. Wanneer was die genomen? Wanneer was ik gedoopt? Dat ik geboren was op 1 april als een soort Goddelijke Komedie, wist ik al, maar wat was de datum waarop ik gedoopt was, kon dat ook nog iets verbergen. Ik nam de foto uit het album en draaide hem om. 15 mei 1972 (verdorie, nu weet iedereen hoe oud ik ben).

15 mei, eventjes zoeken wiens naamdag dat is. Het is blijkbaar de naamdag van de heilige Sophia van Rome. Sophia? Een ander woord voor wijsheid. Maar wacht eens eventjes. Ik ben gedoopt in de kerk van Lissewege. De kerk waar het Mariabeeld de houding heeft Sedes Sapientiae (zetel van wijsheid) en Jezus een appel vasthoudt (een appel is ook een symbool voor spiritueel inzicht, cfr. Newton). De kerk waar een Baphomethoofdje verstopt zit, Baphomet zou naargelang het geval verwijzen naar hoofd of doop van wijsheid. Als dat nu geen toeval is. Nee, wacht, toeval bestaat niet.

Ik besluit iets meer te lezen over de heilige Sophia. Sophia van Rome. Een martelares uit de derde eeuw na christus die na de dood van haar man, haar bezittingen uitdeelden en met haar drie dochters naar Rome trok, wat als christen gevaarlijk was (christenen werden toen vervolgd). Haar dochters zouden de marteldood gestorven zijn, waarna zij ook stierf toen ze het graf van haar dochters bezocht. Het is één van de ijsheiligen (je weet wel, die dagen in mei waarvoor je niets in je tuin mag planten totdat zij gepasseerd zijn). Haar dag, 15 mei, zou wel de ideale dag zijn om planten te planten, want zij markeert het einde van de nachtvorst. Ze wordt ook wel koude Sofie genoemd in de volksmond (heb ik daarom over koude geschreven in mijn thriller, vroeg ik me af? Nee, je hoofd erbij houden, dat is toeval). In Constantinopel werd een basiliek aan haar gewijd, net zoals in Bulgarije de hoofdstad Sophia werd genoemd, alhoewel het ook kan gaan om de wijsheid in het algemeen. Het is onzeker of ze echt bestaan heeft of het eerder om een symbolische verering van de wijsheid gaat. Ze wordt vaak afgebeeld met een palmtak (teken voor martelares), een zwaard (hé, ik heb een zwaard op de kaft van mijn boek geplaatst) en een boek. Mijn hart sloeg een tel over. Ook wel toevallig, maar ja, da’s juist toeval bestaat niet.

En toen stond mijn hart voor een tweede keer stil. Want de namen van haar dochters waren : Fides, Spes en Caritas: geloof, hoop en liefde. Wat staat er in mijn boek en wat vertel ik op elke rondleiding rond de verborgen symboliek van de kerk van Lissewege. Dat de kerktoren met het getal 13 een ode is aan de liefde, aan God waarbij het hoofdstuk in de Bijbel van Korinthiërs 13, een mooie tekst over liefde, je moet die tekst maar eens lezen, inspiratie kan geboden hebben. Vooral vers 13:13 van de Korinthiërs haal ik aan als ik een rondleiding geef: “Nu echter blijven geloof, hoop en liefde, de grote drie; maar de liefde is de grootste.” Begrijp je dat ik eventjes van mijn melk was? Maar het werd nog merkwaardiger.

Want als ik verder zocht op geloof, hoop en liefde, dan vond ik dat dit een motto was dat ook door de tempeliers gebruikt werd. Maar het was nog niet gedaan. Want wie had er ook over geschreven? Dante. In het paradijs ontmoet Dante in zijn Goddelijke Komedie namelijk Petrus, Jacobus en Johannes die hem ondervragen over geloof, hoop en liefde. Niet enkel dat, de drie kruisen op de calvarieberg van Christus zouden ook symbool staan voor geloof, hoop en liefde. Lezers van mijn boek zullen wel begrijpen waarom ik ook dit merkwaardig vind, ik kan hier niet verder op in gaan voor wie dit bericht leest en mijn boek nog niet zou gelezen hebben.

Is wat wij doen voorbestemd? Hebben wij een lot waar we niet kunnen aan ontkomen? Een universum, een God, een kosmos die ons leidt? Op die vraag moet iedereen voor zichzelf maar uitmaken wat hij vindt, maar mijn doopfoto vertelt misschien wel dat het schrijven van mijn thriller Niets is wat het lijkt. Het witte dorp en het volgende boek Het mysterie van de zwaan, wellicht toch wel een juiste stap was in mijn leven. Wat denk jij?

Ik besloot mijn doopfoto terug op haar plaats te steken, het was tijd om verder te lezen, kennis of wijsheid -hoe je het ook wilt noemen- op te doen om zowel Het mysterie van de zwaan, het volgend boek dat hopelijk voor eind dit jaar af is, het levenslicht te laten zien, als om de research voor het vervolg op “Niets is wat het lijkt” te bespoedigen. O ja, wie mysterieuze zaken weet over Dudzele, Damme en Brugge, mag mij altijd inspiratie bezorgen. Dan kan ik met geloof, hoop en liefde verder aan het schrijven gaan. Want uiteindelijk is niets wat het lijkt, ook een gewone doopfoto niet.

Soms zijn dingen toeval en soms niet

Soms vraag je je af of iets toeval is of er bepaalde krachten aan het werk zijn die dingen laten gebeuren. Voor wie de thriller Niets is wat het lijkt. Het witte dorp nog niet gelezen heeft, stop met lezen. Want er is een SPOILER

Stel je voor : je schrijft een boek. Een deel van je verhaal draait rond verborgen symboliek en één cijfer dat verborgen zit in de kerk van Lissewege. Je manuscript is klaar. Je stuurt het naar de redacteur waar je mee samenwerkt.

Enige tijd later krijg je je manuscript terug. Je schrapt, verbetert en voegt toe. Je stuurt het terug naar de redacteur die ook het grafisch werk doet. Je hebt een aantal foto’s bij elkaar gezocht om je verhaal te ondersteunen.

Je krijgt alles terug, maar nu grafisch uitgewerkt, in boekvorm. En wat zie je? Alhoewel je het niet zo bedoeld had heb je 260 pagina’s en 39 foto’s in je boek. Beide cijfers verwijzen naar het getal waarrond je geschreven hebt. Want 260/20 = 13 en 39/3 = 13.
Dan ben je toch eventjes verwonderd. Verwonderd over hoe je deel uitmaakt van een Goddelijke Komedie die het universum heet. Maar eigenlijk had ik niet meer verwacht, als je geboren bent op 1 april, dan weet je dat je leven wellicht één Goddelijke Komedie zal zijn.

O ja, toen ik dit blogbericht geschreven had, maar nog niet gepubliceerd, passeerde ik op de terugweg van de dierenarts een bord met een cijfer voor de marathon die dit weekend Lissewege passeert. Zie de foto . Een bord juist na het kapelletje van Ter Doest en met zicht op het dorp en de kerktoren. En wat was dat cijfer als je naar Lissewege keek ? Juist ja, wie mijn boek gelezen heeft of een rondleiding gevolgd heeft, kan zich nu nog afvragen of toeval nog bestaat of dat wij inderdaad leven in een Goddelijke Komedie.

Heb jij het acrostichon in Niets is wat het lijkt al ontdekt ?

Een acrostichon of lettervers of naamdicht is een tekst, een gedicht waarvan de eerste letters van iedere regel, strofe of vers achter elkaar gelezen ook een woord of een zin vormen. Ik heb er ook eentje verwerkt in de thriller Niets is wat het lijkt. Het witte dorp.

Alleen is het natuurlijk niet de eerste letter van iedere regel of strofe, maar op een andere manier dat ik het gedaan heb. Heb jij het al ontdekt ?

Overigens staan er verschillende acrostichons (is dat het juiste meervoud ?) in de Bijbel. Ook in het verhaal Van den vos Reynaerde van ‘Willem die Madocke maakte’ (dit is de enige hint die men heeft over de vermoedelijke auteur) kan je zoiets terugvinden in de laatste regels. Ik geef het hier weer zodat je kan zien hoe het werkt :

Bij Gode, ik dar ’t u wel raden!
Isengrijn sprak tot den bere:
Wat zegt gij er toe, Brune here?
Ik ligge in den rijzeren
liever dan hier in de ijzeren.
Laat ons tot den koning gaan
ende zijnen pais daar ontvaan.
Met Firapeel dat zij gingen
ende maakten pais van alle dingen.
Je kan de tekst Bi Willeme zien als je de vetgedrukte letters na elkaar plaatst, dat zou een bijkomende verwijzing zijn naar de vermoedelijke auteur.

Ook in het Nederlandse volkslied, het Wilhemus vormen de eerste letters van de coupletten in de originele spelling het woord Willem van Nassov .

Wie weet welk acrostichon er in de thriller Niets is wat het lijkt. Het witte dorp verwerkt zit ?

Waarom heb ik geschreven over het Laatste Avondmaal van Da Vinci ?

De titel van mijn thriller is Niets is wat het lijkt. Het witte dorp. Dus staat het schilderij misschien niet toevallig vermeld in mijn boek ? Oordeel zelf.

Wie het boek nog niet gelezen heeft, leest nu best NIET verder : SPOILER.

Dat was natuurlijk niet toevallig. Da Vinci heeft 13 lijnen gebruikt voor het maken van dit schilderij. Alles wordt ingedeeld in 4 groepen van 3 personen. De dertiende persoon is Jezus zelf (niet Judas) in dit schilderij. En wat is het belangrijkste : het hoofd van Jezus, meer bepaald zijn voorhoofd. Is dat niet het belangrijkste of het krachtigste waarover de mens beschikt : het denken, de wijsheid ? Het punt dat aangeduid wordt, lijkt zelfs het ‘derde’ oog, zoals men het punt noemt juist boven je wenkbrauwen in het midden….
Dertien is misschien niet toevallig ook het getal van hogere wijsheid, hogere inwijding. Had dit iets te maken met een verborgen boodschap van Da Vinci ? Naast wat in de Da Vinci-code genoemd wordt, nl. het sang réal, de bloedlijn met Maria-Magdalena op het schilderij ipv Johannes?
In één van de latere gevonden evangeliën die niet in de Bijbel opgenomen zijn, namelijk in het evangelie van Thomas zou Jezus zeggen : “Maar het Koninkrijk is binnenin jullie en buiten jullie. Als jullie jezelf kennen zullen jullie ook gekend worden…” Zo zijn er nog enkele voorbeelden te vinden in oude evangelieteksten.
Zelfkennis is belangrijk, was dat de verborgen boodschap van Da Vinci en in de evangeliën die de Bijbel niet gehaald hebben? Dezelfde boodschap als de heilige graal : die ligt in jezelf.
Zoals het vermelden van het schilderij in mijn boek meer betekende dan je dacht… Niets is wat het lijkt.

Foto van het Laatste Avondmaal van Da Vinci uit het boek ‘Geheime geometrie’ van Stephen Skinner.

Tips van Roald Dahl

De verhalen van Roald Dahl zaten vol humor. Je dook als kind onder in een bizarre wereld vol fantasie waar een lach altijd aanwezig was. Vandaag is het Roald Dahl-dag, dus deelde vzw Cunamo de 7 tips die hij weggeeft op zijn website. Je kan er ook zijn stem horen tijdens een zeldzaam interview waarin hij spreekt over schrijven.

De tips vind je via deze link.

Woorden uit het verleden

Soms moet je eens opruimen. Wat ik nu aan het doen ben : ander leven, ander werk, ander huis. Ik ben volop ‘grote kuis’ aan het houden. En dan vind je al eens iets terug. Zoals de scriptie, het interview dat ik in het derde of vierde middelbaar als groepswerk (we waren met een groepje van 3) moest afnemen van iemand met een speciaal beroep. We hadden gekozen van Johan Ballegeer, de schrijver uit mijn dorp Lissewege. ‘We’, ik moet eigenlijk zeggen, ik had het voorgesteld. En schrijver was een speciaal beroep, dus de twee anderen waren akkoord.

Ik wil jullie het interview niet onthouden. Want voor mij was het zeer speciaal om te lezen, zeker nu ik mijn eerste boek heb geschreven. Tijdens opzoekingswerken voor mijn boek, werd ik vaak met artikels en boeken van Johan Ballegeer over Lissewege geconfronteerd. En toen herinnerde ik mij plots dat ik jarenlang een foto van hem met handtekening op mijn kast staan had. Nu vind ik zijn interview terug. Enkele gele velletjes papier in een plastieken kaftje, getypt met een typmachine, waarin mijn oud geschrift soms een verbetering had aangebracht. De vragen zou ik nu wel anders stellen. Het zijn vragen van een vijf- of zestienjarige in de jaren tachtig.
Zou hij het eerste zaadje gepland hebben dat uiteindelijk geleid heeft tot mijn boek waarin de tempeliers en Lissewege een rol spelen ?

In ieder geval weet ik wel nog dat ik het ‘magisch’ vond om met een schrijver te praten, zelfs in zijn werkkamer, waar hij omringd zat met boeken en kasten die vol staken met steekkaarten waarop allerlei informatie geschreven was in een minitieus geschrift. Een magische kamer vond ik het. Iets meer dan dertig jaar later ben ik zelf officieel ‘schrijver’. Omringd door boeken. Niet met steekkaarten, maar met Evernote, notitieblok op smartphone, papieren notitieboek en losse briefjes om alles te onthouden. De magie van het schrijven heb ik al ontdekt. Nu nog een magische kamer vinden…

“We gingen vol verwachting naar de Europastraat 24 te Lissewege. Toen we daar aankwamen, werden we vriendelijk ontvangen door de vrouw van Johan Ballegeer. Zij zond ons naar het kamertje waar de schrijver werkt. Daar aangekomen, keuvelden we eventjes over koetjes en kalfjes en toen begonnen we aan het interview…
Waarom werd u eerst onderwijzer en bent u niet onmiddellijk schrijver geworden ?
Als ik 30 jaar geleden, toen ik begon te schrijven, evenveel succes had, zoals ik nu heb, dan zou ik schrijver geworden zijn. Maar dan wist men niet wie je was. Niemand vraagt je of je een boek wilt schrijven. Niemand kent je, ook de uitgevers niet. Je gaat zomaar in je eentje een boek schrijven. Je weet ook niet wat dat in het laatje zal brengen. Een moeilijke situatie. Ik ben gewoon in het onderwijs gegaan omdat mijn vader dat wou. Mijn vader vond dat ‘ideaal’ onderwijzer worden. Ik heb altijd geprobeerd er het beste van te maken (hier wijdt Johan Ballegeer eventjes uit). Als we zouden weten wat te doen als het te laat is, dan zou iedereen het anders doen. Toen dacht ik dat onderwijzer een ideaal beroep was. Nu voel ik me beter als schrijver.
Heeft u bepaalde studies moeten doen om schrijver te worden ?
Nee, dat kun je gewoon niet. Je kunt niet voor schrijver leren (hier gaf hij enkele voorbeelden). Je moet eerst en vooral een ontzettende documentatie aanleggen. Je moet bijna je eigen encyclopedie maken (hierop toonde hij zijn bakken met steekkaarten). Als je al het materiaal verzameld hebt, dan begin je een korte inhoud te maken zoals bijvoorbeeld bij een opstel. Nee, voor schrijver kun je niet leren. Dat ben je. Je bent een geboren ‘leugenaar’. Je kunt goed schrijven. Van sommige dingen ken je iets, bijvoorbeeld van schepen. Als je wat van techniek kent, schrijf je science-fictions. Maar ik ken niets van techniek. Ik weet alleen dat een raket omhoog gaat, als hij niet valt tenminste. Dus moet ik niet proberen een science-fiction te schrijven. Je kunt het of je kunt het niet. Je hebt gevoel voor ritme of voor muziek of voor een mooi verhaal. Zoals bijvoorbeeld bij ‘Geen meiden aan boord’ als Marjanne bij het graf van haar vader staat, heb ik zitten wenen. Als je dat niet hebt….
Waar haalt u de inspiratie vandaan ?
O, dat is niet moeilijk. Er gaat iets voorbij en hop, je hebt inspiratie. Mijn dochter bijvoorbeeld zat altijd op haar nagels te bijten. Toen heb ik Judith geschreven (hier geeft hij enkele voorbeelden). Maar inspiratie, als men mij maar kan zeggen wat inspiratie is. Ik weet het niet. Je ziet iets en zegt : ‘Hé, wat is dat ?’ en je gaat opzoekingen doen. Je denkt : ‘Is dat zo gegaan ?’. Je vindt het de moeite waard om verder te vertellen. Je hebt soms schrijvers die zeggen : ‘Ik had geen inspiratie.’ Dat wil zeggen : ‘Ik was te lui om te werken.’
Welk boek dat u zelf geschreven heeft, vindt u het mooist ?
Nou, ik vind het jongste het mooiste. Ik vind ‘Geen meiden aan boord’ het mooiste (hier wijdt hij eventjes uit).
Welke boeken schrijft u het liefst : historische of toeristische ?
Die toeristische boeken, dat is gewoon omdat men het aan me vraagt. Het liefst zou ik boeken schrijven zoals ‘Geen meiden aan boord’. Maar af en toe komt er een uitgeverij die wil dat ik bijvoorbeeld een boek over Brugge schrijf. Omdat men me dat vraagt, doe ik dat. ‘Geen meiden aan boord’ is me ook gevraagd, hoor. (Hierop legt hij uit hoe het gebeurde) (nu drinken we iets).
U schrijft veel historische boeken, waarom nooit science-fictions bijvoorbeeld ?
Wel, voor science-fictions moet je iets van techniek weten. Zoals ik al heb gezegd, weet ik daar niets over. Ten tweede : de mensen blijven even dom. Asl we hen steeds maar weer op hun stommiteiten uit het verleden drukken, begrijpen ze misschien dat ze uit het verleden kunnen leren. Er zijn altijd allerlei stommiteiten gebeurd. Mijn boeken zijn eigenlijk anti-oorlogsboeken (hier legt hij dit eventjes uit).
Bestonden enkele personages uit uw boeken in het werkelijke leven?
Wel, Judith, de eerste gravin van Vlaanderen bestond echt. ‘De H77 is gebleven’ is ook echt gebeurd. Er hangt zelfs een foto van de scheepsjongen in een kapel in Knokke-Heist. ‘Koning David’ is ook echt gebeurd. Ik zeg niet dat Marjanne uit ‘Geen meiden aan boord’ echt heeft bestaan zoals ze daar beschreven staat. Maar het liedje ‘daar was laatst een meisje loos’ bewijst het.
Wie tekent de omslagen van uw boeken?
Vroeger was dat S.V., maar die is plotseling ziek geworden. Zeer spijtig. Nu is het André Sollie. En die tekent zeer mooi. IK koos hem ook omdat hij de ontwerpen van de omslag geeft. Sommige illustrators willen dat niet doen. (hij toont enkele ontwerpen van omslagen die aan de muur hangen)
Hebt u zoals enkele acteurs en schrijvers een groot voorbeeld?
Ik probeer mezelf te zijn. God, nee. Ik vond het altijd zo vreselijk, zo van die jongetjes op de speelplaats : ‘ik ben Tahamata en ik ben die….’ Blijf jezelf. Je bent jezelf waard. Wat je zelf bent, ben je. Ik ken een meisje dat staat te wringen en te draaien zodat het Sandra Kim is. Ik vind het zo belachelijk dat het groot is. Vindt ze haarzelf niet goed genoeg? Iedereen heeft toch zijn eigen waarde. Waarom zou ik iemand nabootsen? Ik ben Johan Ballegeer en ik voel me goed in mijn vel. Ik heb niemand nodig. Er is niemand die moet zeggen dat ik moet doen. Dat wil niet zeggen dat ik in het begin geen raad heb gevraagd aan oudere collega’s, dat wel. Maar zo opkijken naar iemand? Nee. Ik heb wel een grote bewondering voor Filips de Schone (hierop wijst hij naar een beeld van Filips de Schone dat in de hoek van de kamer staat). Maar dat wil niet zeggen dat ik me aan hem optrek. Men moet zich aan zichzelf optrekken. Men moet proberen met ziekten, problemen, tegenslagen, ja zelfs met buizen door het leven te gaan.
Zit het schrijversbloed in de familie?
Mijn jongste dochter heeft ooit eens een verhaaltje geschreven voor Zonneland. Toen kreeg ze daar 2000 fr. voor. ‘Is ’t al,’ zei ze. ‘Ik doe het niet meer’. Ja, ze kunnen wel maar ze willen niet. Ze dacht dat ze er minstens een paard zou voor kunnen kopen. Zo rap gaat dat niet. Je moet kleintjes beginnen.


Dat waren de woorden van Johan Ballegeer, meer dan dertig jaar geleden. Jammer dat ik zijn ‘uitweidingen’ niet heb genoteerd, welke informatie gaf hij daar niet weg ? Informatie die een beginnend schrijver van pas zou kunnen komen, daar ben ik wel van overtuigd. Dus heb ik zelfs gedaan wat hij in het interview zei : klein beginnen en jezelf blijven. Vandaar een simpele thriller in eigen beheer uitgeven. In welke omstandigheden je ook zit : blijf altijd jezelf, blijf jezelf trouw en wat je ook wilt doen : het zijn de kleine daden, de kleine stapjes die kunnen zorgen voor een groot resultaat.

Dank je wel Johan Ballegeer, voor deze wijze raad uit het verleden.
Johan Ballegeer (1927-2006)

Foto : www.zwinstreek.eu