Bedankt of merci?

Om in deze tijden de zorgverleners, de voedingswinkels, de postbodes en pakjesleveranciers, kortom al wie werkt, te bedanken wordt soms merci en soms bedankt gebruikt. Maar wist je dat deze woorden, alhoewel ze hetzelfde betekenen, een andere oorsprong hebben? Als je de oorsprong kent, zal je misschien sneller het ene of het andere gebruiken.

Bedankt, in het Oudnederlands  thankis (10e eeuw) :‘uit vrije wil, om niet’of in het Middelnederlands (13 e eeuw)  danc ‘erkentelijkheid’, ‘gedachte’. Dus denken of danken hebben dezelfde oorsprong. De oorspronkelijke betekenis is dus: het denken, de wil (bijv. de uitdrukking tegen wil en dank), de gedachte, wat dan verder geëvolueerd is naar ‘dankbare gedachte’ of ‘erkentelijkheid’.

Merci , in het Middelnederlands merc ‘gunst, medelijden’ (denk maar aan het Engelse mercy), afkomstig uit het latijn mercedem (nee, ik maak hier geen reclame voor een Brugse politica),  merces : ‘loon, prijs, soldij, rente’, ook mercis: koopwaar, handel (denk maar aan het Spaanse mercado, de markt).

Een bedanking geef je uit vrije wil. Maar is merci dan misschien beter gekozen voor wie werkt, maar daarom geen loon naar werken krijgt? Want wie nodig is onze maatschappij verder te laten functioneren, laat ons eerlijk zijn, zijn niet altijd de werknemers met de hoogste weddes van het land. Nochtans het woord ‘verdienen’ wil zeggen dat het loon je krijgt, je dat ook verdiend hebt, je er ook aanspraak mag op maken. Dat het loont om veel inspanningen te doen in moeilijke tijden. Loont dit? Wedde(n) dat we na deze coronaperiode er weer zal teruggekeerd worden naar hoe het voordien was? Ik hoop van niet, maar ik vrees het wel. Het enige dat wij nu echter kunnen doen is merci zeggen vanuit de grond van ons hart in de hoop dat onze maatschappij ooit verandert.